NL  -  FR  -  EN  -  DE
banner LFM

Kunstkringen in Antwerpen ten tijde van de Vlaamse Bewegingen
 

KUNST VAN HEDEN - Antwerpen 1905-1959

--------------------------------------------------------------------------

HISTORIEK :

Kunst van HedenKunst van Heden (L’Art Contemporain) was een Belgische vereniging van beeldende kunstenaars en kunstmecenassen, gesticht in Antwerpen op 1 maart 1905.
 
De stichters waren de Antwerpse industriëlen Frans Franck, Louis Franck en Charles Franck alsook de letterkundigen Paul de Mont en Emmanuel de Bom. In de vereniging was ook plaats voor kapitaalkrachtige leden-mecenassen zoals Bracht, Kreglinger, Bunge, Speth, Mund, Bischoffsheim, Fester, Osterrieth en von der Becke. Deze laatste richtte in 1872 trouwens mee de rederij 'Red Star Line' op.
 
De bedoeling was een Antwerps bruggenhoofd te vormen ter promotie van de eigentijdse Belgische kunst. En dit via lezingen, publicaties, tentoonstellingen en schenkingen aan musea. In Antwerpen was dat, in tegenstelling tot Brussel, een braakliggend terrein.
 
Alleen de meer gematigde, behoudsgezinde vereniging 'Als ik Kan' en de meer vooruitstrevende maar kleine groep 'Eenigen' bezetten in Antwerpen het terrein. 'Eenigen' hield trouwens op te bestaan ten tijde van de stichting van 'Kunst van Heden'. Ze wordt daarom beschouwd als de 'embryonale fase' van 'Kunst van Heden'.
 
Veel namen van leden uit de ene groep komen trouwens terug in de andere. Andere Antwerpse voorlopers waren 'De Scalden' (1889-1914), die in feite weinig vernieuwing bracht, 'L'Association pour l'Art' (1892-1893) en 'De Kapel' (1899-1905), gesticht door François Franck. Deze laatste beweging was een soort volksuniversiteit waar van gedachten werd gewisseld over artistieke, filosofische en de politieke actualiteit.
 
Leden-kunstenaars uit de begintijd waren:
Albert Baertsoen, Richard Baseleer, Emile Claus, Jean Delvin, Victor Charles Hageman, Eugène Laermans, Hendrik Luyten, Charles Mertens, Constantin Meunier, George Minne, George Morren, Ernest Rombaux, Victor Rousseau, Jakob Smits, Eugeen Van Mieghem en Walter Vaes.
Kort daarop sloten ook James Ensor en Egide Rombaux zich aan bij deze vereniging.

TENTOONSTELLINGEN :

Kunst van Heden 1905 Leys & de BraekeleerKunst van Heden 1924 RodinDe eerste tentoonstelling van 14 mei tot 15 juni 1905 greep plaats onder grote belangstelling in het pas afgewerkte Koninklijk Museum voor Schone Kunsten van Antwerpen en was een retrospectieve gewijd aan Henri Leys en Henri de Braekeleer.
 
Hierop volgde elk jaar (van 1905 tot 1940) een nieuwe tentoonstelling waarbij de leden hun werken aan het publiek konden tonen.
 
Er werden tentoonstellingen georganiseerd met werken van onder meer Auguste Rodin, Constant Permeke, Gustave en Leon De Smet, Gustave Van de Woestijne, Rik Wouters en Eugeen Van Mieghem.
 
 
Tijdens de tweede wereldoorlog overleden verscheidene stichters, terwijl andere naar het buitenland verhuisden. Dat betekende de aftakeling van de vereniging, die met een laatste tentoonstelling in 1959 het definitief voor bekeken hield.

--------------------------------------------------------------------------

 
 
TOP

BIOGRAFIE : HENRI FESTER

Henri FesterAntwerpen 24.07.1849 - Antwerpen, 18.09.1939
Henri Fester is een van de belangrijkste peters van 'Kunst van Heden', benevens de broers Frans en Charles Franck, was hij dus een belangrijk promotor en mecenas van de muziek en de beeldende kunsten, en een prominent lid van de Duitse kolonie in Antwerpen. Zijn vader Jules Fester had zich in 1840 vanuit Frankfurt in Antwerpen gevestigd.
Tot de welgestelde ingezetenen der stad die daadwerkelijk meewerken bij de oprichting van KvH behoren verder eigenaars van handelsmaatschappijen en rederijen, bankiers en verzekeraars. Allen brengen uit hun omgeving een aantal steunende leden mee.
 
Henri Fester is een zakenman van duitse afkomst. Hij studeerde in zijn geboortestad in Antwerpen en in Zwitserland. Na de dood van zijn vader kwam hij in zijn firma terecht. In 1874 heeft hij samen met Adolf Mund, de verzekeringsfirma 'Mund & Fester' opgericht, gevestigd aan de Groenplaats. Hun zonen, Ernest Mund en Robert Fester, later eveneens leden van KvH, komen ook in de zaak. De activiteiten nemen zo'n vlucht dat de firma in 1914 reeds over filialen beschikt in een tiental wereldsteden: London, Liverpool, New York, St.-Petersburg, Wenen, Hamburg, ...
 
Henri Fester was medestichter van de 'Société de Musique', waar Peter Benoit heeft gedirigeerd. Met de steun van zijn talrijke vrienden richt hij op 31 oktober 1903 de 'Maatschappij der Nieuwe Concerten' op, waarvoor hij meer dan dertig jaar lang de voorzitter blijft. Fester is overigens niet weg te denken uit het muziekleven te Antwerpen: hij is voorzitter (regeringscommissaris) van de Toezichtscommissie van het Koninklijk Vlaams Conservatorium, van de Bachvereniging en van de Toonkunstenaarsbond.
 
De succesvolle start van de 'Maatschappij der Nieuwe Concerten' (1903-1936) en van 'Kunst van Heden' (1905-1955) werkt aanstekelijk en geeft aanleiding tot een derde initiatief op cultureel vlak: het Bestendig Dotatiefonds voor de Stadsbibliotheek en voor het 'Museum Plantin-Moretus'. Het is een initiatief van de Hoofdbibliothecaris F. Gittens (kampend met een ontoereikend budget), Hoofdconservator Max Rooses en W. von Mallinckrodt, de voorzitter van het fonds, die in die functie weldra wordt opgevolgd door... Henri Fester.
 
Bij 'Kunst van Heden' is Henri Fester onafgebroken werkend lid vanaf de oprichting in 1905 tot bij zijn overlijden in 1939. Een niet te veronachtzamen facet van KvH is haar voortdurende zorg voor de verrijking van de collecties van het Museum voor Schone Kunsten. Daartoe wordt in 1925, vanuit KvH en naar het voorbeeld van wat de maatschappij 'Artibus Patriae' (met Henri Fester als ondervoorzitter) voor de oude kunst presteert, de vereniging van de 'Vrienden van de Moderne Kunst' opgericht. Ook hier neemt Henri Fester het voortouw. Tientallen zullen nu door (of door bemiddeling van) de 'Vrienden van de Moderne Kunst' hun weg vinden naar het Museum.
 
Henri Fester heeft ongetwijfeld een grote invloed uitgeoefend binnen vele culturele instellingen van de Scheldestad. Door zijn diverse en talrijke bestuursfuncties en door zijn uistekende relaties met de vermogende burgerij was hij een bindteken binnen de kusntwereld, een aanbrenger van fondsen, een wijze raadsman en een schepper van stabiliteit.
 

De duitse kolonie van Antwerpen in de 19e eeuw - Kasteel Fester (de Kunsthumaniora)

Henri FesterHalverwege de 19de eeuw stond tussen (wat nu) de Karel Oomsstraat en de Korte Lozanastraat (zijn) een landhuis. Deze wijk, rond de "Warande" (het huidige Koning Albertpark), ontwikkelde zich in de tweede helft van de 19e eeuw tot een exclusieve woonbuurt, zeker toen zich daar rond de eeuwwisseling enkele van de meest vooraanstaande Duits-Antwerpse families vestigden: Osterrieth, Kreglinger, Fuhrmann, Von der Becke…
 
Bij hen voegde zich Henri Fester die het bestaande gebouw tussen 1892 en 1910 in meerdere fasen liet verbouwen en uitbreiden tot het huidige kasteel Fester (neo-Vlaamse-renaissancestijl, architect Henri Thielens). Kort na z’n voltooiing werd het door beschietingen van de Duitse legers (8-9 oktober 1914) verwoest. De familie Fester liet het herbouwen.
 
In de periode na WO II huisvestte het gebouw het Rijksinternaat voor Schipperskinderen of de "Schippersschool", en vanaf 1984 het Rijksinstituut voor Kunstsecundair Onderwijs, vandaag de campus beeldende en audiovisuele kunst, drama en muziek van de Kunsthumaniora.
 

Kunst van Heden / L’art Contemporain

In dienst van de KunstCarlito Grisar was in 1905 de grote initiatiefnemer. Naast Henri Fester, waren ook Emmanuel De Bom, Max Elskamp en Max Rooses, en iets later Frédéric Speth bij de allereersten. De promotie van hedendaagse kunst en ondersteuning, aanmoediging van de kunstenaars, was het doel. Kunst van Heden trok vooral de aandacht door haar jaarlijkse salons en retrospektieve tentoonstellingen. De eerste expositie in het Museum van Schone Kunsten was volledig gewijd aan de Antwerpse kunstenaars Hendrik Leys en Hendrik de Braekeleer.
 
De volgende jaren werd er aandacht besteed aan werken van o.a. Vincent Van Gogh, Jacob Smits, Rik Wouters, Emile Claus, James Ensor, Eugène Laermans, Walter Vaes, Xavier Mellery…
 
Over het gebouw: Het kasteel Fester behoort tot de belangrijkste realisaties van architect Henri Thielens, die in Antwerpen actief was in de periode 1880-1914, vooral als ontwerper van klassieke burgerhuizen. Zijn eerste opdrachten voor Henri Fester waren in 1892 de uitbreiding van het bestaande landhuis met een salon en orangerie aan de achterzijde, en in 1899 de plaatsing van het tuinhek met poorten. De belangrijkste ingreep bestond uit de volledige heropbouw van het voorgevelfront in 1900, gepaard met een belangrijke verbouwing en herinrichting van het interieur zoals de nieuwe vestibule en traphal.
 
In 1902 volgde de verbouwing van een bestaand bijgebouw tot stallingen en remise, en in 1908 de toevoeging van een kleine annex met badkamers tegen een van de zij- of achtergevels. Het ontwerp uit 1910 voor de nieuwe wintertuin en het muzieksalon, die tegen de middenpartij van de achtergevel werden aangebouwd, is toe te schrijven aan de architect Joseph Hertogs.
 
Deze fraaie, overkoepelde rotonde uit ijzer en glas, rustend op een open colonnade, werd overigens in 1929 gesloopt. In 1911 liet Fester door Hertogs nog twee herenhuizen in de Van Putlei ontwerpen, die daar nog steeds te bewonderen zijn.
 
bron : vrij ontleend van website: www.wursten.be - © Jo Braeken
 
Aanvulling door Alex Elaut :
Het kasteel Fester is een verbouwing van het kasteeltje dat Nicaise De Keyser hier liet bouwen. Het hekken langs de straatzijde is nog grotendeels van J. Schadde uit de tijd van De Keyser. Rechts van het kasteel stond het imposante landhuis van Mevr. van Eersel. gehuwd met de kunstschilder Karel Ooms.

--------------------------------------------------------------------------

 
 
TOP

BIOGRAFIE : FRANÇOIS FRANS FRANCK

Frans FranckAntwerpen 17.05.1872 - Oostende, 23.03.1932
(François) Frans Franck, (Joannes-Pieter-Franck), decorateur en meubelmaker, kunstmecenas, initiatiefnemer van 'De Kapel', één van de belangrijkste peters van Kunst van Heden.
(François) Frans Franck, was de zoon van Frans Franck en Philomena de Vos.
Frans Franck was getrouwd met Anaïs (Anna)(?-1927) en ze hadden twee zonen, Francis en Louis Junior.
Hij had twee oudere broers : Louis Franck (1868-1937) en Charles Franck (1870-1935)
 
Zoon Louis erfde het zakelijk en kunstzinnig instinct van zijn vader. Hij kwam aan het hoofd van de Montaigne bank in Londen, en belegde in doeken van Vincent Van Gogh, Picasso, Toulouse Lautrec en een hele rits Ensors, waaronder "L'entrée du Christ à Bruxelles" dat tot in de jaren zeventig in het Antwerpse museum hing. Uit ergernis, omdat Antwerpen niet bereid was een aanvaardbare prijs te betalen voor zijn bruikleen, verkocht Louis Franck de kolossale Ensor voor bijna 9 miljoen euro aan het Getry Museum in Los Angeles. Kwatongen beweren dat Louis Franck enkel een barontitel was beloofd voor het meesterwerk van Ensor. De rest van zijn collectie, inclusief Van Gogh, verhuisde naar de Giannada-stichting in het zwitserse Martigny. Van een gemiste kans gesproken! Louis werd genoemd naar zijn oom Louis en overleed op 80-jarige leeftijd op het einde van de tachtiger jaren van vorige eeuw.
 
Frans Franck was een uitgesproken liberaal, die in de tweede helft van de 19de eeuw een behangerszaak openhield in de Kuipersstraat. Hij bouwde de ouderlijke schilderszaak uit tot een volwaardig bedrijf, het eerste decoratiebedrijf van de stad, dat op zijn hoogtepunt 150 medewerkers telde. De jonge Frans Franck studeerde aan het Antwerpse Atheneum. Op de Koninklijke Academie bekwaamde hij zich in de teken- en de decorateurskunst en gaf hij blijk van een zeker talent. In Parijs ging hij vervolgens in de leer bij decorateurs en meubelmakers. Hij maakte daar kennis met de theorieûn van ondermeer W. Morris en J. Ruskin.
 
Frans Franck'Afbeelding : François Franck - KMSKA - by Mertens Charles'
 
Omstreeks 1894 keerde Frans Franck terug naar Antwerpen. Hij vestigde zich in de Everdijstraat en zette er samen met zijn broer Charles (1870-1935) en in het spoor van zijn vader een nieuwe zaak op. De bloeiende meubel- en decorateurszaak van de gebroeders Franck was te Antwerpen een begrip op het einde van de 19de en in de eerste helft van de 20ste eeuw, de garnierderzaak bij uitstek voor de rijkere burgerij. De meubels die Frans Franck ontwierp werden maar in een zeer beperkte oplage vervaardigd (twee à drie stuks) en waren steeds voorzien van een fabricatienummer. Franck werd als ontwerper bijgestaan door de Mechelaar Frans Bruylants en volgens sommige bronnen zou ook de Mechelse beeldhouwer Ernest Wijnants in het Huis Franck gewerkt hebben.
 
De faam van het Huis Franck mag hoofdzakelijk toegeschreven worden aan Frans' scheppende geest, spitsvondigheid en talent. Bovendien beschikte hij over een grote overredingskracht. Als handige zakenman kon hij zijn klanten er meer dan eens toe overhalen hun woning volledig in te richten in de 'Franck-stijl' (met zijdebehang, Japanse lak en parelmoer) of zich een aantal exclusieve meubels aan te schaffen, wat dan weer leidde tot een rekening, die - naar Francks zeggen - steeds in verhouding stond tot de geleverde prestatie. De volgende anekdote, opgetekend door Roger Avermaete, is, zoniet historisch, toch typerend: "François Franck, na een nieuw gebouwde meesterwoning volledig te hebben gestoffeerd, stelde aan de eigenaar voor hem nog een brandkoffer te bezorgen. Waarop de zeer rijke heer W... glimlachend zou geantwoord hebben: 'Als Uw rekeningen zullen betaald zijn, heb ik geen brandkoffer meer nodig'".
 
Francks woning aan de Everdijstraat en de Korte Gasthuisstraat had het uitzicht van een museum; sculpturen, schilderijen, vazen, glas, porcelein, meubels, stoffen, tapijten, chinoiserieën e.a. werden er op een merkwaardige wijze met elkaar geconfronteerd. Als intellectueel was Franck bovendien in het bezit van een rijke bibliotheek.
 
Het eerste spoor van Frans Francks brede culturele interesse vinden we aan het Antwerps Atheneum, waar zijn oudere broer Louis de kring 'Studie' had gesticht; Frans was lid van deze kring, naast Emmanuel De Bom, L. Dens en later ook Charles Mertens, Richard Baseleer, Lodewijk Mortelmans, Lode Baekelmans, Jan Van Overloop e.a.; deze kring vergaderde aanvankelijk in de Stedelijke Kindertuin, op de Oudaan, vervolgens in het atelier van de schilder Niekerk in de Gildekamersstraat, en later in het Antwerpse 'Koffiehuis'.
 
Frans Franck won de vriendschap van talrijke kunstenaars uit verschillende disciplines, en stilaan rijpte bij hem het plan om de voormalige kapel van het godshuis Landtschot op de Falconrui, die hij huurde van het OCMW, en gebruikte als opslagplaats voor meubels, om te vormen tot een kleine kunsttempel. Samen met E. De Bom, J. Van Overloop, zijn broers Charles en Louis Franck, R. Baseleer, Ch. Mertens, W. Vaes e.a. lag hij daarmee aan de basis van de vereniging 'De Kapel', die zich voornamelijk bezighield met het organiseren van voordrachten. Frans Franck lag eveneens aan de basis van de 'Maatschappij der Nieuwe Concerten' (1903-1936), die o.l.v. Lodewijk Mortelmans het muziekleven te Antwerpen schitterende momenten bezorgde.
In 1903 vond, via Emma Lambotte, ook de belangrijke eerste ontmoeting tussen James Ensor en Frans Franck plaats te Oostende. Nog tijdens hetzelfde jaar verklaarde Franck dat Ensor de grootste schilder sedert Rubens was.
 
Frans Franck bleef tot aan zijn dood in 1932 een van de belangrijkste mecenassen van James Ensor.
De lente van het jaar 1905 kan beschouwd worden als een belangrijk tijdstip in de geschiedenis van het Antwerpse kunstgebeuren en mecenaat. Toen werd namelijk onder impuls van Frans Franck en met de steun van zeer vermogende Antwerpenaars, de vereniging 'Kunst van Heden' opgericht.
 
Hij kreeg zijn kapitaalkrachtige vrienden Grisar, Kreglinger, Fester, en Serigiers zo ver om 100.000 Bfr. bijeen te brengen.
De stichtingsvergadering van deze nieuwe vereniging vond op 1 maart 1905 plaats ten huize van Louis Franck. Alhoewel Frans Franck slechts lid was van de vereniging, was het vooral van hem dat de stuwende kracht uitging. Hij was de promotor van het hele opzet, al beweerden kwatongen (in 1920) dat 'Kunst van Heden' zijn ontstaan te danken had aan "de Duitsche kolonie, geprikkeld en bevrucht door een groote Antwerpsche meubelmaker en schilderijenverkooper".
 
Frans Franck vervulde ook een belangrijke rol in het Antwerps Museum voor Schone Kunsten. Met zijn grote invloed op zijn gefortuneerde vrienden en bewoog hij er hen niet alleen toe werken van eigentijdse kunstenaars te kopen, maar ook bij te dragen in het fonds 'De Vrienden van de Moderne Kunst' (gesticht in 1925). Dit fonds bood het museum de mogelijkheid een aanzienlijke verzameling moderne schilderijen te verwerven. Het was een inbreng die nog in vrij grote mate de huidige collectie moderne schilderkunst van het museum kenmerkt.
 
Het belang van 'De Vrienden van de Moderne Kunst' bestond er vooral in dat ze voorgoed afrekenden met de opvatting dat enkel werken van overleden kunstenaars in aanmerking kwamen voor de museumcollectie. Bij Koninklijk Besluit van 28 augustus 1921 was Franck benoemd tot lid van de Beheerraad van het museum; hij vertegenwoordigde er de Regering. In hetzelfde jaar reeds kondigde hij in deze Raad een schenking aan, bestaaande uit acht schilderijen van Ensor (geschonken door de 'Museumvrienden', waaronder de gebroeders Franck).
 
Maar ook op het aankoopbeleid (en in feite ook op het algemene beleid) van het Koninklijk Museum had Frans Franck een niet te onderschatten invloed. Veel werken uit de afdeling moderne kunst - en zeker niet de minste - zouden nooit verworven of geschonken zijn zonder de invloed van Frans Franck. Onder Francks 'bewind' vonden b.v. maar liefst negen schilderijen van Vogels hun weg naar het museum.
 
Bronzen engel - Oscar Jespers - graf Frans FranckIn het jaar 1927 stierf Francks echtgenote Anaïs (Anna) Franck.
Oscar Jespers maakte een sculptuur, een bronzen engel, voor het familiegraf op het Schoonselhof.
Om het overlijden van zijn vrouw te gedenken, schonk Franck in hetzelfde jaar het schilderij 'De Storm' van E. Laermans aan het museum.
 
 
Op de Antwerpse Wereldtentoonstelling van 1930 was de inbreng van Frans Franck evenzeer van belang. Hij lag daar o.m. aan de basis van het paviljoen van 'Kunst van Heden' - de vereniging vierde op dat moment immers haar 25-jarig bestaan - en in dit paviljoen vonden niet minder dan twaalf tentoonstellingen plaats. Frans Franck was ook één van de promotors van 'Oud-België, het ontspanningspark van deze Expo.
 
Naar aanleiding van het jubileum van 'Kunst van Heden' schonk Franck op 11 mei 1930 een opzienbarende reeks kunstwerken (16 waaardevolle schilderijen) aan het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten. Zijn broer Charles Franck voege er nog negen werken uit zijn collectie aan toe. Deze schenking ging gepaard met een plechtige ontvangst van de gebroeders Franck op het Stadhuis (3 januari 1931) en met de inhuldiging van een Franck-zaal in het museum (4 januari 1937). In 1930-31 zorgde Franck er ook voor dat het Antwerpse museum één van de eerste afgietsels van 'Balzac', het bekende beeld van Auguste Rodin, in haar bezit kreeg.
 
Het rijkgevulde leven van de mecenas kende echter een abrupt en ongelukkig einde (23 maart 1932). Tijdens een wandeling met zijn kleinkinderen in de duinen, mistrapte hij zich op de rand van een duin en kwam met zijn hoofd terecht op het metselwerk van de helling.
 
De plechtige uitvaart vond plaats op 26 maart 1932 onder een massale volkstoeloop. Het stoffelijk overschot van Frans Franck werd bijgezet in de grafkelder, waar zijn vrouw reeds russte, op de stedelijke begraafplaats van het Schoonselhof.
 
Het Kunst van Heden-Salon van het jaar 1932 stond volledig in het teken van het overlijden van Frans Franck; het was de bedoeling vooral werken te tonen van vrienden van de mecenas. A.H. Cornette schtste daarbij de betekenis van Franck voor de vereniging.
 
Van 8 tot 24 april 1933 vond in de vier zalen van de benedenzijbeuk van het museum nog een tentoonstelling ter nagedachtenis van Frans Franck, met o.m. al de werken die hij aan het museum had geschonken. In 1934 werde 'Stichting Frans Franck' opgericht, die de herinnering van de overleden mecenas levendig moest houden. Ook zij was verantwoordelijk voor enkele belangrijke schenkingen aan het Antwerpse museum. Men mag ook de veiling van de Collectie Frans Franck in het Paleis voor Schone Kunsten te Brussel (8 en 9 december 1965) niet over het hoofd zien. Op dat moment was de Antwerpse vereniging 'Kunst van Heden' al geruime tijd ter ziele. De veiling stuwde de prijzen van de Vlaamse expressionisten naar een internationaal niveau, dank zij de uitzonderlijke kwaliteit van de aangeboden werken, wat weer eens Frans Francks inzicht en zijn betekenis voor het Antwerps (en Vlaams) kunstgebeuren bevestigde.
© 1981 - Bart Belmans

--------------------------------------------------------------------------

 
 
TOP

BIOGRAFIE : CHARLES FRANCK

Frans FranckAntwerpen 11.05.1870 - Antwerpen 11.01.1935
Charles Franck was oprichter van de Vrienden van de Moderne Kunst en kunstverzamelaar.
Hij werd begraven op het Schoonselhof in Antwerpen.
 
 
 
 
 

--------------------------------------------------------------------------

 
 
TOP

BIOGRAFIE : LOUIS FRANCK

Louis FranckAntwerpen 28.10.1869 - Wijnegem, 31.12.1937
Wie slaagt erin, als jongeman van veertien, voor zijn literaire opstellen een uitgever te vinden? Hij moet wel bijzonder ondernemend geweest zijn, de jonge Louis Franck. Hoe dan ook, in 1883 verschijnt bij Jan Bouchery te Antwerpen zijn studie 'Jan Van Beers', gevolgd door 'Pol de Mont' in 1884, te Verviers in het frans.
 
In 1886 gaat Franck aan de Brusselse universiteit rechten studeren. Hij richt er een studiekring op waarbij Emile Vandervelde, Adolphe Max en Jules Bordet aansluiten. In 1890 vestigt hij zich als advocaat te Antwerpen. De jonge academicus Franck demonstreert een intense belangstelling voor de sociaal-economische en algemeen maatschappelijke actualiteit en formuleert daarover zijn standpunten in 'L'évolution morale et la crise pessimiste' (1893) en 'Le minimum de salaire (1894). Hij schrijft kronieken in 'L'Art Moderne', werkt zelfs mee aan 'Van Nu en Straks' en neemt deel aan de met maatschappijkritiek gekruide debatten in 'De Kapel'. Dat hij in 1903 de 'Maatschappij der Nieuwe Concerten', gegroeid uit de De Kapel, helpt oprichten, ligt in het logische verlengde van die ontwikkeling. Ook helpt hij bij de oprichting van Kunst van Heden, waarvan de stichtingsakte op 1 maart 1905 bij hem thuis zou opgesteld zijn.
 
Louis FranckOp drievoudig vlak - politicus, flamingant en jurist - zal Franck bekendheid verwerven. Wanneer hij in 1906 liberaal volksvertegenwoordiger wordt, in opvolging van Jan Van Rijswijck, breekt een tijdperk aan waarin het algemeen stemrecht, de 8-urendag, het gewaarbogd minimumloon, de syndicale vrijheid en de vernederlandsing van de Gentse universiteit de politieke debatten beheersen. De wet Franck-Segers van 1910 betekent een belangrijke stap naar de volledige vernederlandsing van het middelbaar onderwijs. Voor de vernederlandsing van het gehele onderwijs vormen Van Cauwelaert, Franck en Huysmans in 1913 front, over de partijgrenzen heen. Als Huysmans daarbij uitroept: 'Wij zijn drie kraaiende hanen! - een typering die een begrip wordt in de Vlaamse beweging - dan alludeert hij wellicht op het titelembleem van Alvoorder, een blaadje dat sedert 1900 in Kapel-middens circuleerde.
 
Tijdens de eerste wereldoorlog manifesteert Franck zich, zoals Vermeylen, als anti-activist. Na de oorlog beheert hij het belangrijke Ministerie van Koloniën (1918-1925). Hij sticht dan ook de Antwerpse Koloniale Hogeschool en geldt als een autoriteit op het gebied van internationaal zeerecht. In het parlement blijft hij de belangrijkste liberale vlaamsgezinde, maar vanop de regeringsbank laat hij zich als dusdanig minder gelden. Vanaf 1926, tot aan de vooravond van zijn overlijden, bekleedt Louis Franck het ambt van Gouverneur van de Nationale Bank.

--------------------------------------------------------------------------

 
 
Bronnen: In dienst van de kunst KMSKA 1991 - Antwerps mecenaat rond Kunst van Heden -
De Zondag 'krant' - Meubelmaker met passie voor kunst - zondag 13 februari 2005
Stijn Vanclooster, 'Het begin der historische opfrissing. De Kapel: artistieke beweging rond 1900'... AMVC, 2003
Jo Braeken - Marc Browaeys © 1981
TOP

 

lfm logo